Contact

Fysiotherapie Bennenbroek
Kapelstraat 33
5591 HC Heeze

Telefoon: 040-2264352



Fysio-Active Heeze &
Nova Vitae

Geldropseweg 25
5591 EA Heeze

Telefoon: 040-2260663

 

Dryneedling

dryneedling_1

 

Terug…

 

Dry needling is een efficiënte behandelmethode
van myofasciale problematiek:

pijn en stijfheid als gevolg van triggerpoints in spieren.
Dry needling omvat het inbrengen van een ‘droge’
(acupunctuur) naald, zonder toevoeging van
medicatie, in de aangedane spier(en).
Het concept is gebaseerd op anatomische en
neurofysiologische principes en is geen klassieke
acupunctuur.

 

 

 

Myofasciale pijn, triggerpoints en dry needling

 

Tot op heden ontbreken nog definitieve verklaringsmodellen voor het myofasciaal pijn syndroom
(MPS). Triggerpoints zijn essentieel binnen het kader van MPS.
Voor het stellen van de diagnose ‘myofasciaal pijn’ moet er minimaal sprake zijn van:

  • regionale en referred pain
  • een palpabele strakke band in spier(en)
  • daarin lokale drukgevoeligheid van de triggerpoints
  • een beperkte beweeglijkheid.

Verscheidene vormen van fysiotherapie en manuele therapie zijn werkzaam bij MPS.

Dry needling is klinisch gezien een van de meest doeltreffende methoden en is
sinds 2005 ook toepasbaar door de Nederlandse fysiotherapeut.
 

 

Myofasciale triggerpoints zijn essentieel

 

info_3

Triggerpoints zijn essentieel binnen het kader
van het myofasciaal pijn syndroom.
Een triggerpoint wordt gedefinieerd
als een hyperprikkelbare plaats gelegen
in een palpabelestrakke band van
dwarsgestreepte spiervezels’.

Men onderscheidt actieve en latente triggerpoints:
een actief punt (ATP) veroorzaakt spontane pijn of
pijn als gevolg van beweging.
een latente punt (LTP) is een gevoelige plek met
pijn als gevolg van druk, aanspanning of rek.

Figuur 1: Palpatie van een triggerpoint in de m. peroneus longus.

 

Weinig herkend en vaak onbehandeld

 

Ondanks het feit dat MPS veel voorkomt, wordt het nog (te) weinig herkend en blijft het dus vaak
ook onbehandeld. Dat zou ook mogelijk een reden kunnen zijn waarom vele diagnosen,
zoals ‘lage rug pijn’ en ‘nek –en hoofdpijn’, ondanks goede therapeutische bedoelingen
een probleem blijven.

 

De kenmerken van triggerpoints zijn:dryneedling_2

  • Lokaal hyperprikkelbare plek in een strakke dwarsgestreepte spierband
  • Consistente en karakteristieke ‘referred pain’ patronen bij druk
    op een triggerpoint Lokal twitch response (LTR) opgewekt door
    palpatie  of needling van een triggerpoint.
  • Verminderde beweeglijkheid bij rek van de verkorte spiervezels
    in de strakke band Spierzwakte zonder opvallende atrofie.
  • Verspreiding van pijn naar andere delen van het lichaam in
    meer ernstige gevallen.
  • Autonome fenomenen zoals vasomotore en pilomotore reacties
    en/of hypersecretie.

Deze worden veroorzaakt door of zijn geassocieerd met:

  • acuut trauma zoals een kneuzing of overrekking van de spier bijv ‘vertillen’
  • langdurig aangehouden contracties zoals bij CANS laesies van meerdere structuren tegelijk zoals bij ‘unhappy triad’ in de knie of een HNP
  • biomechanische factoren zoals houdingsinvloeden, instabiliteit bijv. van enkels en/of knieën
  • psychologische factoren zoals emotionele stress, interne aandoeningen, zoals metabolische of endocriene tekortkomingen, en chronische infecties.

Voorkomen van MPSmps2

 

Bij onderzoek had tenminste de helft van drie ongeselecteerde
populaties van gezonde volwassenen triggerpoints. Het is dus
vrij normaal om triggerpoints in spieren te vinden.
Gewoonlijk heeft iemand daar echter geen last van, misschien
hooguit wat stijfheid bij bepaalde bewegingen.
Zodra er iets Gebeurt wat deze spieren negatief beïnvloedt,
kan een triggerpoint actief worden en tot daadwerkelijke
klachten leiden, zoals pijn en bewegingsbeperkingen.
Na training op dit gebied wordt het een stuk
eenvoudiger om triggerpoints te herkennen en
te behandelen.

Figuur 2: Onderzoek naar triggerpoints in de nekspieren.

 

Onderzoek van MPS

 

Dagelijks worden fysiotherapeuten geconfronteerd met patiënten die klagen over ‘spierpijn’.
De diagnostiek is niet gemakkelijk en leidt vaak tot onvoldoende onderkenning van MPS.
De huidige literatuur laat (nog) geen eenduidige criteria zien.

De praktijk wijst uit dat de annamnese en palpatoire vaardigheden essentieel zijn.

MPS is een rechtmatige diagnose, die wezenlijk anders is dan die van fibromyalgie syndroom
(FMS). Het is van groot belang om een klinisch onderscheid te maken tussen MPS en FMS.
Essentieel is de regionale verspreiding van pijn bij MPS in tegenstelling tot pijnen bij FMS,
die per definitie wijdverspreid zijn.

De patiënt is doorgaans niet goed in staat de pijn te lokaliseren, die wordt omschreven als diep,
dof en zeurend. De referred pain pijnpatronen geven een goede indicatie van de spieren die
mogelijk betrokken zijn. Travell en Simons hebben referred pain patronen van 147 spieren
beschreven in hun boeken, waarvan een voorbeeld in figuur 3.

 

info_1


Figuur 3. Triggerpoints van de m. gluteus medius en haar mogelijk referred pain patronen:
vergelijk ‘heup’, ‘SI gewricht’ en ‘lage rug’ pijnen.

 

 

Inspectie en ADL

 

Notitie wordt gemaakt van karakteristieke houdingsveranderingen, mogelijk passend bij bepaalde
spierverkortingen. Tevens is er speciale aandacht voor bijvoorbeeld voetafwijkingen en verschillen
in beenlengten, aangezien deze belangrijke onderhoudende factoren van MPS kunnen zijn.
Verder kunnen een paar dagelijkse activiteiten een eerste indruk geven van de belastbaarheid
van de spieren.

 

Bewegingsonderzoek

 

Verhoogde spierspanningen kunnen ook leiden tot bewegingsbeperkingen in de betrokken
gewrichten. Sommige spieren leiden tot meer beperkingen dan anderen, onafhankelijk van
het formaat van de spier; bijv. een schouderbeperking is groter bij triggerpoints in de
m.subscapularis dan in de m. latissimus dorsi. Fysiotherapeuten zijn doorgaans meer
geneigd de gevonden bewegingingsbeperkingen met name te relateren aan de gewrichten.
Vaak is er echter een directe verbetering in de gewrichtsmobiliteit te constateren na
succesvolle behandeling van de betrokken triggerpoints.

 

Spiertesten

 

Krachttesten laten vaak een verschil van 0.5 tot 1 zien bij vergelijking met de niet aangedane zijde.
Naast het verlies aan kracht kan er tevens sprake zijn van een verminderde coördinatie en
Uithoudingsvermogen van de betrokken spieren. De tendens is om tot oefentherapie over te gaan
bij het constateren van bewegingsbeperkingen en verlies aan kracht. Het is echter verstandiger
om eerst de triggerpoints te behandelen en de spieren te ontspannen, als basis voor een meer
een succesvolle revalidatie.

 

Palpatie

 

info_2

Palpatie is ook essentieel om tot een diagnose
van MPS te komen. Het gebeurt gewoonlijk in
een hoek van ongeveer 90 graden dwars op de
spiervezels, waarbij naast de gekozen techniek,
ook de juiste hoeveelheid druk van belang.
Figuur 4. Schematische voorstelling van de twee
gangbare palpatievormen bij het onderzoek
naar een strakke band en een triggerpoint.

 

Links: de huid wordt weggeduwd naar een zijde
bij het begin van de vlakke palpatie (A).
De vingertop glijdt over de spiervezels om de strakke
band eronder te voelen met daain een triggerpoint (B).
De huid wordt naar de andere kant gedrukt bij het einde
van de beweging (C).
Rechts: spiervezels worden omringd door vingers en
duim in een ‘knijpgreep’ (‘zgn. pincer’) (A).
De hardheid van de strakke band met daarin het
triggerpoint wordt duidelijk gevoeld tijdens het
rollen tussen vingers en duim (B).
De palpabele rand van de strakke band is scherp
gedefinieerd als het ‘ontsnapt’ uit de greep (C).

 

Therapie bij triggerpoints

 

Als men na onderzoek de aangedane spieren en triggerpoints heeft gelokaliseerd, kan men deze
via verschillende technieken behandelen. Steeds meer goed uitgevoerde onderzoeken verschijnen
die kijken naar de specifieke waarde van verschillende vormen van therapie bij de behandeling
van MPS. Triggerpoints kunnen effectief behandeld worden met een of meerdere vormen van
fysiotherapie. Een combinatie van massage, thermo-, laser- en manuele therapie is over het
algemeen meer en langduriger werkzaam dan ultrageluid en/of vormen van elektrotherapie
(figuur 5). Het is ook erg belangrijk om predisponerende en onderhoudende factoren van MPS
te onderkennen en waar mogelijk mee te behandelen zoals platvoeten, instabiliteit van enkels
of knieën, spierverzwakking in de benen, spierverkortingen of beenlengteverschillen.
aarna kan men overgaan tot instructie en (hopelijk) consistente uitvoering van een
oefenprogramma met spierrekkingen, versterking en houdingscorrectie van de betrokken spieren.

 

mps5

Figuur 5: Massage van triggerpoint in het bovenste gedeelte van de m. trapezius.

 

Effectieve behandelvorm

 

Dry needling van triggerpoints met behulp van een (acupunctuur) naald is een van de
meest effectieve vormen van (fysio)therapie
. Dry needling is per definitie needling volgens
westerse neuro-anatomische en fysiologische principes en berust niet op een ‘energie concept’,
zoals de klassieke acupunctuur. Sinds kort behoort deze effectieve methode ook tot de
therapeutische mogelijkheden van de Nederlandstalige fysiotherapeut (figuur 6).
Verschillende malen wordt op en rond een triggerpoint geprikt. Vaak treedt de referred pain op,
die kan worden opgewekt door de needling. Een stroom van recente publicaties ondersteunt de
effectiviteit van deze therapie. Essentieel is het opwekken van de lokale twitch response (LTR)
voor een langdurig(er) resultaat. Klinisch gezien leidt dit tot een daling in de spierspanning met
een pijnvermindering en verbeterde beweeglijkheid tot gevolg. Nader onderzoek is nodig om de
klinische resultaten (nog) meer wetenschappelijk te onderbouwen.

 

mps6dryneedling_3

‘Dry needling’ is de behandeling van triggerpoints m.b.v. een acupunctuurnaald.

 

Tekst en foto’s :

Frank Timmermans, Fysio- en Manueel therapeut, CIMS
Uplands Physiotherapy Clinic / # 121-725 Carmi Avenue / Penticton, B.C. V2A 3G8 Canada
© Uplands Physio Clinic: Overname van teksten en / of foto’s uitsluitend met toestemming.

 

Terug…

 
Meer informatie?

kijk hier en download meer informatie over dryneedling.